Lola T70 - Mk3A

Lola - T70 - Mk3A · Gipimotor
  • jaar van productie

    1967

  • lichaam

    Blue

De SL73/106 werd gebouwd volgens de specificaties van de Mk3 Spider, door Lola Cars in het Engelse Slough, en afgeleverd aan John MecomRacing in Dallas, Texas op 17/02/67.

gipimotor-lolat70-sl73-106_studio_03(2).jpg
gipimotor-lolat70-sl73-106_studio_04(2).jpg

De wagen werd in consignatie genomen door Carl Haas Racing die het US Lola agentschap zou overnemen van MecomRacing. De SL73/106 werd afgewerkt in effen wit en voorzien van een Chevrolet 5.9 liter V8 motor, afgestemd op de HewlandDG-500 versnellingsbakstandaard, en kort daarna verkocht aan Fred Baker, die al eigenaar was van een T70 Mk1, SL70/9.

Met Quaker State als sponsor werd de nieuwe Mk3 Spider herschilderd in groen en wit. De versnellingsbak werd vervangen door een tweetraps autobox, gelijkaardig aan wat eerder werd uitgeprobeerd op Mario Andretti’s Mecom T70 in de vorige Can-Am jaren. Met de teamveteraan Charlie Kolb achter het stuur in de 1967 USRRC bleken de motor en de autobox helemaal niet betrouwbaar. Daardoor moest Kolb zich beroepen op de oudere T70, SL70/9 van het team. Die was trager, maar wel betrouwbaar.

 

Tegen het einde ven het jaar werd de SL73/106 te koop gesteld en verkocht aan Warren Burmisterand SCCA club racer George Drolsom. George racete de volgende drie seizoenen met de wagen in de USRRC en de Can-Am, maar haalde niet meer dan drie keer de finish. Het hoogtepunt was de laatste race van deze wagen op Road Atlanta in 1970. Daar finishte George als 10dein een inmiddels compleet verouderde wagen, ondanks de verbeteringen met een neus in Mk3B-stijl en grotere wielen en banden. Eind 1970 was de wagen opnieuw te koop. Naar verluidt werd hij verkocht aan “een joch uit Illinois voor clubraces”. Daarna kwam hij terecht bij het Californische Display Cars, in 1975. Zij gebruikten de wagen om te showen en promotie te voeren, maar met de wagen werd niet meer gereden. In 1979 gingen ze failliet en de SL73/106 was één van de drie onvolledige wagens die Mac McClendon van California Federal Savings & Loans kocht.

 

Mac stripte de SL73/106 van zijn onderdelen om tegemoet te komen aan het toenemende aantal T70’s in het succesvoller wordende milieu van de historic races in de jaren ’80. En uiteindelijk werd de carrosserie, met nauwelijks overblijvende onderdelen, in een opslagplaats bewaard. In 2006 werd het frame weer van stal gehaald. Hij werd volledig herbouwd, heraangekleed en hersteld tot een GT coupé in 2008. De wagen kreeg een donkerblauwe kleur met een lichtblauwe streep in het midden en hij verscheen in de Le Mans Story van 2009. Dat was zijn eerste verschijning op een circuit sinds de volledige restauratie.

 

wm-2018-spa-classic-medium-19(2).jpg
wm-2018-spa-classic-medium-18(2).jpg

Sindsdien racete de wagen met succes in de Classic Endurance serie (Peter Auto) en in de Le Mans Classic. De SLT73/106 is helemaal klaar om te racen.

Meer informatie? Neem contact met ons op.

Sturen